2. Onverminderd de uit hoofde van artikel 24 aan de bevoegde autoriteiten toegekende bevoegdheden en het recht van de lidstaten om strafrechtelijke sancties op te leggen, zorgen de lidstaten ervoor dat hun wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen voorzien in de mogelijkheid de uitoefening van aan aandelen verbonden stemrechten op te schorten in het geval van overtredingen als bedoeld in artikel 28 bis, onder b).
2. Sans préjudice des pouvoirs conférés aux autorités compétentes au titre de l’article 24 et du droit des États membres d’imposer des sanctions pénales, les États membres veillent à ce que leurs dispositions législatives, réglementaires ou administratives prévoient la possibilité de suspendre l’exercice des droits de vote attachés aux actions en cas d’infractions visées à l’article 28 bis, point b).