8. is van oordeel dat regelgeving tot het strikt noodzakelijke beperkt moet blijven en alleen daar wenselijk is waar onvoldoende concurrentie heerst; dat zij altijd minimaal, duidelijk, eenvoudig, voorspelbaar en homogeen moet zijn, waarbij het in de lidstaten aan de markt moet worden overgelaten om met mededingingsregels te komen;
8. déclare que la réglementation doit porter sur le strict indispensable, et là seulement où la concurrence n'est pas suffisante, et qu'elle doit être la plus limitée, claire, simple, prévisible et homogène possible, toujours et partout dans tous les États membres, et laisser le marché fonctionner conformément aux règles de la concurrence;