3. Op de eerste werkdag van elke week delen de lidstaten aan de Commissie, voor elk tariefcontingent of elke leveringsverplichting en voor elk land van oorsprong afzonderlijk, de hoeveelheden suiker mee waarvoor in de voorgaande week invoercertificaten zijn afgegeven, en maken daarbij een onderscheid tussen voor raffinage bestemde suiker en niet voor raffinage bestemde suiker.
3. Les États membres communiquent le premier jour ouvrable de chaque semaine à la Commission, séparément pour chaque contingent tarifaire ou obligation de livraison et pour chaque pays d'origine, les quantités de sucre pour lesquelles des certificats d'importation ont été délivrés au cours de la semaine précédente, en distinguant le sucre à raffiner et le sucre non destiné au raffinage.