In dat opzicht wordt in de in het geding zijnde bepaling rekening gehouden met een moreel bestanddeel (de wil om overlast te bezorgen aan zijn correspondent) dat niet overeenstemt met het in artikel 442bis van het Strafwetboek in aanmerking genomen morele bestanddeel (de kennis die de dader had of moest hebben van de gevolgen van zijn gedrag voor de rust van de belaagde persoon).
A cet égard, la disposition en cause prend en compte un élément moral (la volonté d'importuner son correspondant) qui ne correspond pas à l'élément moral pris en compte par l'article 442bis du Code pénal (la connaissance que l'auteur avait ou devait avoir des conséquences de son comportement sur la tranquillité de la personne harcelée).