Als een tweede stap werd evenwel tijdens de bespreking van deze bepaling in het Vast Comité I van de Diplomatieke Conferentie verklaard — en geen enkele delegatie verzette zich tegen deze verklaring- dat Verdragsluitende Partijen de vrijheid hebben de verplichting om een uitsluitend recht toe te kennen om toestemming te verlenen voor het « beschikbaar stellen voor het publiek » te implementeren via de toepassing van een ander recht dan het recht van mededeling aan het publiek of door de combinatie van verschillende rechten.
Toutefois, dans un second temps, lors de la discussion de cette disposition, la Commission principale I de la Conférence diplomatique a déclaré — et aucune délégation ne s'est opposée à cette déclaration — que les Parties contractantes sont libres de mettre en œuvre l'obligation d'octroi d'un droit exclusif en vue d'autoriser la « mise à disposition du public », également par le biais de l'application d'un droit autre que le droit de communication au public ou encore en combinant différents droits.