In het oorspronkelijk voorstel voor een richtlijn van de Commissie van 1984 stond vermeld dat de lid-staten ervoor moesten zorgen dat echtgenoten onder dezelfde voorwaarden als de zelfstandige werknemers toegang hadden tot opleiding en herscholing, en de rapporteur sluit zich aan bij het standpunt van de organisaties van medewerkende echtgenoten dat die bepaling moet worden opgenomen in het nieuwe voorstel tot aanpassing van de Richtlijn van 1986.
Dans la proposition de directive initiale de 1984, la Commission faisait référence aux États membres qui garantissaient au conjoint l'accès à la formation et au recyclage professionnels, dans les mêmes conditions que celles offertes au travailleur indépendant; le rapporteur estime, tout comme les organisations de conjoints aidants, que tel devrait être le cas dans la nouvelle proposition modifiant la directive de 1986.