Art. 20. De kandidaat die zich bevindt in de situatie bedoeld in artikel 102, van de wet, dient zo vlug mogelijk een aanvraag tot uitstel in, naargelang het geval, zodra hij op de hoogte is van een feit waarvan hij oordeelt dat het zijn aanvraag rechtvaardigt of nadat een dergelijk feit zich heeft voorgedaan.
Art. 20. Le candidat qui se trouve dans la situation visée à l'article 102, de la loi, introduit une demande d'ajournement le plus rapidement possible, selon le cas dès qu'il a connaissance d'un fait qu'il estime fonder cette demande ou après la survenance d'un tel fait.