Bij wijze van afwijking moet evenwel, indien bij een routineonderzoek van een beslag een dier of zelfs meerdere dieren positief heeft of hebben gereageerd op een tuberculinatie en deze reactie wellicht niet te wijten is aan rundertuberculose, het geval of de gevallen waarin besmetting met tuberculose wordt vermoed aan een grondig onderzoek worden onderworpen, met inbegrip van het opsporen en controleren van het beslag waarvan de dieren deel uitmaken op het moment van de test en van ieder vorig beslag waarvoor de bevoegde autoriteit dit nodig acht, alsmede alle passende laboratoriumonderzoeken en tests na het slachten.
- si le pourcentage des troupeaux bovins infectés n'est pas supérieur à 0,1 % en moyenne au cours des deux plus récentes périodes de contrôle se succédant à trois ans d'intervalle, l'intervalle entre les tests de routine peut être porté à quatre ans et/ou l'âge auquel les animaux devront être soumis à ces tests peut être porté à 24 mois.