38. benadrukt dat, met het oog op de voorstellen van bepaalde gerechtelijke instanties, zoals de "rechters van het appel van Genève", niet zozeer het centralisme, maar veeleer de directe contacten tussen de openbare ministeries in de lidstaten bevorderd moeten worden; zoals overigens ook blijkt ui
t de gang van zaken rond de Overeenkomst van Schengen; daarvoor zou het n
uttig zijn om in de eerste plaats maatregelen te ontwikkelen die gericht zijn op de belangrijkste problemen van het rechtstreekse verkeer (zoals het slechten van d
e taalbarr ...[+++]ière door middel van taalonderwijs, de ontwikkeling en distributie van meertalige juridische woordenboeken, de opstelling van lijsten van adressen die van belang zijn voor de strafvordering in de lidstaten, enz.) waarbij dergelijke maatregelen alleen als stap op weg naar de totstandbrenging van een gemeenschappelijke juridische ruimte mogen worden opgevat; 38. souligne que - à la lumière des suggestions faites par des praticiens de la justice, tels, par exemple, les "juges de l'appel de Genève" - il convient de favoriser non le centralisme, mais les échanges directs entre autorités de répression, c
omme le démontre du reste l'exemple de la Convention de Schengen; que, à cette fin, il serait utile de commencer par mettre au point des mesures destinées à résoudre les principaux problèmes que posent les échanges directs (par exemple, des mesures destinées à surmonter la barrière linguistique: organisation
de cours de langue, mise au point ...[+++]et diffusion d'un lexique multilingue des notions juridiques, établissement d'un répertoire des adresses des autorités de répression nationales, etc.), étant entendu que de telles mesures ne doivent être considérées que comme constituant une étape vers la mise en place d'un espace de justice commun;