(130) Indien het Verdrag het begrip "onderling afgestemde feiteli
jke gedraging" van "overeenkomsten tussen ondernemingen" onderscheidt, is dit met het doel de ondernemingen de mogelijkheid te ontnemen om de toepassing van de mededingingsregels te ontlopen door in het geheim, zon
der dat het tot een eigenlijke overeenkomst komt, op een concurrentieverstorende manier samen te werken door (bijvoorbeeld) elkaar vooraf van hun beleidsintenties in kennis te stellen, zodat ieder van hen zijn commercieel gedrag kan bepalen in de wetenschap dat
...[+++] zijn concurrenten zich op dezelfde wijze zullen gedragen (zie het arrest van het Hof van Justitie van 14 juli 1972 in zaak 48/69, Imperial Chemical Industries/Commissie) (12).
(130) En créant la notion de pratique concertée en plus de la notion d'accord, les auteurs du traité ont cherché à éviter que des entreprises ne tournent les règles de concurrence en s'entendant sur des modalités anticoncurrentielles et non assimilables à un accord définitif, par exemple en s'informant mutuellement à l'avance de l'attitude qu'elles ont l'intention d'adopter, de sorte que chacune puisse régler son comportement commercial en escomptant que ses concurrents auront un comportement parallèle [voir l'arrêt de la Cour de justice du 14 juillet 1972 dans l'affaire 48/69, Imperial Chemical Industries Ltd/Commission (12)].