Onverminderd het eerste lid, kan de Koning, op voorstel van de raad van bestuur het mandaat van een directielid vroegtijdig beëindigen wegens ernstige tekortkomingen die elke professionele samenwerking tussen het directielid en het Instituut definitief onmogelijk maken.
Sans préjudice de l'alinéa 1 , le Roi peut, sur proposition du conseil d'administration, mettre fin préalablement au mandat d'un membre de la direction en raison de manquements graves qui empêchent définitivement toute collaboration professionnelle entre le membre de la direction et l'Institut.