Doordat de verzoekende partijen aanvoeren dat de in de artikelen 3 en 4 van de bestreden wet beoogde personen niet over hun vrije wil beschikken op het ogenblik van hun verzoek, en daarbij redeneren alsof zij veronderstellen dat diegene die niet langer wil leven noodzakelijkerwijze niet meer in staat is te oordelen, houden zij op geen enkele manier rekening met de talrijke waarborgen vervat in de bepalingen van de bestreden wet teneinde te garanderen dat de persoon die zijn wil uitdrukt onder de voorwaarden van de artikelen 3 en 4 zulks in volle vrijheid doet.
En alléguant que les personnes visées par les articles 3 et 4 de la loi attaquée ne disposent pas de leur libre arbitre au moment de leur demande, les requérantes, raisonnant comme si elles présupposaient que qui veut cesser de vivre est nécessairement hors d'état de juger, ne tiennent aucun compte des multiples garanties inscrites dans les dispositions de la loi attaquée afin d'assurer que la personne qui exprime sa volonté dans les conditions des articles 3 et 4 le fasse en toute liberté.