Art. 5. De documenten die aantonen dat de permanente vorming is gevolgd en dat de verpleegkunde binnen een erkende geriatrische dienst en/of in een zorgdomein al dan niet specifiek gericht tot ouderen, is uitgeoefend, worden gedurende 4 jaar door de houder van de bijzondere beroepsbekwaamheid met een bijzondere deskundigheid in de geriatrie bewaard.
Art. 5. Les documents démontrant le suivi de la formation permanente et l'exercice de l'art infirmier au sein d'un service gériatrique agréé et/ou dans un domaine de soins spécifiquement orientés ou non aux personnes âgées, sont conservés pendant 4 ans par le porteur de la qualification professionnelle particulière ayant une expertise particulière en gériatrie.