Boost Your Productivity!Translate documents (Ms-Word, Ms-Excel, ...) faster and better thanks to artificial intelligence!
https://pro.wordscope.com
https://blog. wordscope .com

Vertaling van "heeft de raad van state het volgende uiteengezet aangaande " (Nederlands → Frans) :

BEVOEGDHEID VAN DE FEDERALE OVERHEID 3.1. In advies 51.401/1/2/3 van 20 juni 2012 heeft de Raad van State het volgende uiteengezet aangaande de bevoegdheid van de federale overheid met betrekking tot artikel 36/1, § 2, van de wet van 21 augustus 2008 'houdende de oprichting en organisatie van het eHealth platform en diverse bepalingen', waarin de rechtsgrond voor het ontworpen besluit wordt gezocht : Ingevoegd bij artikel 59 van de wet van 19 maart 2013 'houdende diverse bepalingen inzake gezondheid (I)'. " De vraag rijst of het regelen van de bewijswaarde van 'gegevens beheerd in het kader van het gezondheidsbeleid' een aangelegenheid o ...[+++]

COMPETENCE DE L'AUTORITE FEDERALE 3.1. Dans l'avis 51.401/1/2/3 du 20 juin 2012, le Conseil d'Etat a formulé les observations suivantes à propos de la compétence de l'autorité fédérale concernant l'article 36/1, § 2, de la loi du 21 août 2008 'relative à l'institution et à l'organisation de la plate-forme eHealth et portant diverses dispositions' , dans lequel le fondement juridique de l'arrêté en projet est recherché : Inséré par l'article 59 de la loi du 19 mars 2013 'portant des dispositions diverses en matière de santé (I)' « Rest ...[+++]


In advies 43.493/3 van 18 september 2007 over een ontwerp dat heeft geleid tot het koninklijk besluit van 21 januari 2009 `houdende onderrichtingen voor de apothekers' heeft de Raad van State het volgende uiteengezet met betrekking tot de bevoegdheid van de federale overheid inzake de vernietiging van bepaalde geneesmiddelen :

Dans l'avis 43.493/3 du 18 septembre 2007 sur un projet devenu l'arrêté royal du 21 janvier 2009 `portant instructions pour les pharmaciens', le Conseil d'Etat a exposé ce qui suit à propos de la compétence de l'autorité fédérale en matière de destruction de certains médicaments :


Bij twee arresten, nrs. 239.865 en 239.864, van 14 november 2017 in zake Vincent Jacmin tegen het Rijksinstituut voor Ziekte- en Invaliditeitsverzekering, waarvan de expedities ter griffie van het Hof zijn ingekomen op 21 november 2017, heeft de Raad van State de volgende prejudiciële vragen gesteld :

Par deux arrêts, n 239.865 et 239.864, du 14 novembre 2017 en cause de Vincent Jacmin contre l'Institut national d'assurances maladie-invalidité, dont les expéditions sont parvenues au greffe de la Cour le 21 novembre 2017, le Conseil d'Etat a posé les questions préjudicielles suivantes :


Bij arrest nr. 239.646 van 26 oktober 2017 in zake Guillaume Blomme tegen de Belgische Staat, waarvan de expeditie ter griffie van het Hof is ingekomen op 14 november 2017, heeft de Raad van State de volgende prejudiciële vraag gesteld :

Par arrêt n° 239.646 du 26 octobre 2017 en cause de Guillaume Blomme contre l'Etat belge, dont l'expédition est parvenue au greffe de la Cour le 14 novembre 2017, le Conseil d'Etat a posé la question préjudicielle suivante :


Bij twee arresten, nrs. 235.137 en 235.136, van 20 juni 2016 respectievelijk in zake de vzw « Algemene Vereniging van de Geneesmiddelenindustrie » en de nv « Roche » en in zake de vzw « Algemene Vereniging van de Geneesmiddelenindustrie » en de nv « Amgen », tegen de Belgische Staat, tussenkomende partij : de nv « Sandoz », waarvan de expedities ter griffie van het Hof zijn ingekomen op 27 juni en 11 juli 2016, heeft de Raad van State de volgende prejudiciële vraag ...[+++]

Par deux arrêts, n 235.137 et 235.136, du 20 juin 2016 respectivement en cause de l'ASBL « Association Générale de l'Industrie du Médicament » et la SA « Roche » et en cause de l'ASBL « Association Générale de l'Industrie du Médicament » et la SA « Amgen », contre l'Etat belge, partie intervenante : la SA « Sandoz », dont les expéditions sont parvenues au greffe de la Cour le 27 juin et le 11 juillet 2016, le Conseil d'Etat a posé la question préjudicielle suivante :


a. Bij vijf arresten respectievelijk nr. 239.510 van 24 oktober 2017 in zake Chaïma Aikar, nr. 239.552 van 25 oktober 2017 in zake Mathilde Bouchonville, nr. 239.553 van 25 oktober 2017 in zake Khadija Bouchal, nr. 239.555 van 25 oktober 2017 in zake Berna Korkmazer en nr. 239.554 van 25 oktober 2017 in zake Javeria Goher, tegen de « Université libre de Bruxelles », de Franse Gemeenschap en de Belgische Staat, waarvan de expedities ter griffie van het Hof zijn ingekomen op 8 november 2017, heeft de Raad van State d ...[+++]

a. Par cinq arrêts respectivement n° 239.510 du 24 octobre 2017 en cause de Chaïma Aikar, n° 239.552 du 25 octobre 2017 en cause de Mathilde Bouchonville, n° 239.553 du 25 octobre 2017 en cause de Khadija Bouchal, n° 239.555 du 25 octobre 2017 en cause de Berna Korkmazer et n° 239.554 du 25 octobre 2017 en cause de Javeria Goher, contre l'Université libre de Bruxelles, la Communauté française et l'Etat belge, dont les expéditions sont parvenues au greffe de la Cour le 8 novembre 2017, le Conseil d'Etat a posé la question préjudicielle suivante :


Snappe, E. Derycke, T. Merckx-Van Goey, P. Nihoul en R. Leysen, bijgestaan door de griffier F. Meersschaut, onder voorzitterschap van voorzitter J. Spreutels, wijst na beraad het volgende arrest : I. Onderwerp van de prejudiciële vraag en rechtspleging Bij arrest nr. 228.847 van 21 oktober 2014 in zake B.C. tegen de Belgische Staat, waarvan de expeditie ter griffie van het Hof is ingekomen op 4 november 2014, heeft de Raad van State de volgende ...[+++]

Snappe, E. Derycke, T. Merckx-Van Goey, P. Nihoul et R. Leysen, assistée du greffier F. Meersschaut, présidée par le président J. Spreutels, après en avoir délibéré, rend l'arrêt suivant : I. Objet de la question préjudicielle et procédure Par arrêt n° 228.847 du 21 octobre 2014 en cause de B.C. contre l'Etat belge, dont l'expédition est parvenue au greffe de la Cour le 4 novembre 2014, le Conseil d'Etat a posé la question préjudicielle suivante : « L'article 6 de la loi du 10 avril 1990 réglementant la sécurité privée et particulièr ...[+++]


Moerman, E. Derycke, T. Merckx-Van Goey, P. Nihoul, F. Daoût, T. Giet en R. Leysen, bijgestaan door de griffier P.-Y. Dutilleux, onder voorzitterschap van voorzitter A. Alen, wijst na beraad het volgende arrest : I. Onderwerp van de prejudiciële vragen en rechtspleging Bij arresten nrs. 227.219, 227.217 en 227.218 van 29 april 2014 in zake Brigitte Vermer en anderen, in zake Christiaan De Wandeleer en in zake Willebrordus Luyten en Augusta Van Regenmortel, allen tegen het Vlaamse Gewest, waarvan de expedities ter griffie van het Hof zijn ingekomen op 7 ...[+++]

Moerman, E. Derycke, T. Merckx-Van Goey, P. Nihoul, F. Daoût, T. Giet et R. Leysen, assistée du greffier P.-Y. Dutilleux, présidée par le président A. Alen, après en avoir délibéré, rend l'arrêt suivant : I. Objet des questions préjudicielles et procédure Par arrêts n 227.219, 227.217 et 227.218 du 29 avril 2014 en cause de Brigitte Vermer et autres, en cause de Christiaan De Wandeleer et en cause de Willebrordus Luyten et Augusta Van Regenmortel, tous contre la Région flamande, dont les expéditions sont parvenues au greffe de la Cour le 7 mai 2014, le ...[+++]


Moerman, E. Derycke, T. Merckx-Van Goey, P. Nihoul, F. Daoût, T. Giet en R. Leysen, bijgestaan door de griffier F. Meersschaut, onder voorzitterschap van voorzitter J. Spreutels, wijst na beraad het volgende arrest : I. Onderwerp van de prejudiciële vraag en rechtspleging Bij arrest nr. 226.469 van 19 februari 2014 in zake de nv « Vastned Retail Belgium » tegen de gemeente Ans en de Belgische Staat, waarvan de expeditie ter griffie van het Hof is ingekomen op 28 februari 2014, heeft de Raad van State ...[+++]e volgende prejudiciële vraag gesteld : « Schendt artikel 19, tweede lid, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State, in samenhang gelezen met elke wetsbepaling die, zoals artikel 11, § 7, van de wet van 13 augustus 2004 betreffende de vergunning van handelsvestigingen, erin voorziet dat wanneer een administratief beroep is georganiseerd en bij ontstentenis van beslissing over dat beroep binnen de toegestane termijn, de aangevochten beslissing als bevestigd wordt beschouwd, de artikelen 10 en 11 van de Grondwet in zoverre geen melding moet worden gemaakt van het bestaan van het beroep bij de Raad van State en van de vormen en termijnen die in acht moeten worden genomen om het in te stellen in het geval waarin de beroepsinstantie zich ervan onthoudt uitspraak te doen - of tijdig uitspraak te doen -, terwijl in alle andere gevallen waarin beroep kan worden ingesteld tegen een beslissing waarvan kennis moet worden gegeven, in de kennisgeving ervan het bestaan van het beroep bij de Raad van State moet worden vermeld opdat de termijn die openstaat om dat beroep in te stellen, onmiddellijk ingaat, veeleer dan vier maanden later ?

Moerman, E. Derycke, T. Merckx-Van Goey, P. Nihoul, F. Daoût, T. Giet et R. Leysen, assistée du greffier F. Meersschaut, présidée par le président J. Spreutels, après en avoir délibéré, rend l'arrêt suivant : I. Objet de la question préjudicielle et procédure Par arrêt n° 226.469 du 19 février 2014 en cause de la SA « Vastned Retail Belgium » contre la commune d'Ans et l'Etat belge, dont l'expédition est parvenue au greffe de la Cour le 28 février 2014, le Conseil d'Etat a posé la question préjudicielle suivante : « L'article 19, ali ...[+++]


Reeds in advies 53.970/1/V van 31 juli 2013 over een ontwerp dat tot het koninklijk besluit van 17 augustus 2013 `tot wijziging van het koninklijk besluit van 16 juli 2002 betreffende de instelling van mechanismen voor de bevordering van elektriciteit opgewekt uit hernieuwbare energiebronnen' heeft geleid, heeft de Raad van State, afdeling Wetgeving, uiteengezet waarom redenen zoals diegene die in de memorie v ...[+++]

Déjà dans son avis 53.970/1/V du 31 juillet 2013 sur un projet devenu l'arrêté royal du 17 août 2013 `modifiant l'arrêté royal du 16 juillet 2002 relatif à l'établissement de mécanismes visant la promotion de l'électricité produite à partir des sources d'énergie renouvelables', le Conseil d'Etat, section de législation, a exposé pourquoi des motifs tels que ceux-ci avancés dans l'exposé des motifs ne sont pas convaincants (5) :


w