G. overwegende dat veel van de misstanden en mensenrechtenschendingen in Tsjetsjenië ongestraft blijven, waardoor een klimaat van straffeloosheid ontstaat, dat zich vanuit de republieken Tsjetsjenië en Ingoesjië naar andere regio's van de noordelijke Kaukasus verspreidt, inclusief Noord-Ossetië en meer recentelijk Kabardino-Balkarië, en aldus een bedreiging vormt voor de rechtsstaat in de hele Russische Federatie,
G. considérant que de nombreux crimes et violations des droits de l'homme en Tchétchénie demeurent impunis, ce qui favorise un climat d'impunité qui, au départ des républiques de Tchétchénie et d'Ingouchie, se répand vers d'autres régions du Caucase septentrional, dont l'Ossétie du Nord et, plus récemment, la Kabardino-Balkarie, en menaçant l'État de droit dans l'ensemble de la Fédération de Russie,