Wanneer de aanbestedende dienst vaststelt dat een offerte abnormaal laag is omdat de inschrijver staatssteun heeft ontvangen, dan mag hij deze offerte pas afwijzen indien hij de inschrijver heeft geraadpleegd en deze niet binnen een door de aanbestedende dienst vastgestelde redelijke termijn kon bewijzen dat de Commissie overeenkomstig artikel 88, lid 3, van het Verdrag van deze steun in kennis werd gesteld en hiervoor toestemming voor heeft gegeven.
L'entité adjudicatrice qui constate qu'une offre est anormalement basse du fait de l'obtention d'une aide d'Etat par le soumissionnaire, ne peut rejeter cette offre que si elle consulte le soumissionnaire et si celui-ci n'est pas en mesure de démontrer, dans un délai suffisant fixé par l'entité adjudicatrice, que l'aide en question a été notifiée à la Commission en vertu de l'article 88, paragraphe 3, du traité et a été autorisée par celle-ci.