1) Kan de minister aangeven of een instructie van de politie die een bepaald deel van de bevolking op basis van zijn seksuele geaardheid een verbod oplegt om elkaar de hand te geven of tekenen van affectie te tonen in de openbare ruimte, te rechtvaardigen valt omwille van de openbare orde en/of het voorkomen van provocaties. Kan hij dat concreet toelichten?
1) Le ministre peut-il indiquer si l’on peut justifier par des raisons d’ordre public et/ou de prévention de provocation l’instruction de la police imposant à une partie de la population, sur la base de son orientation sexuelle, l’interdiction de se donner la main ou de manifester des signes d’affection en public?