3. a) Hoeveel bezwaardossiers waren op datum van 30 juni 2004 nog altijd " geblokkeerd" ? b) Wat zijn thans in volgorde van belangrijkheid de tien voornaamste (al dan niet statische) redenen of soorten van " blokkering" (bijvoorbeeld FBB-materie, herkwalificatie van interesten tot dividenden, bruto- of netto vrijstelling van meerwaarden op aandelen, enzovoort) en geldt deze verantwoording zonder enige uitzondering uniform op nationaal vlak voor alle gewestelijke directies van de Bijzondere Belastinginspectie, de klassieke belastingdiensten en van alle Controlecentra?
3. a) Combien de dossiers de réclamation ont été " bloqués" en date du 30 juin 2004? b) Par ordre d'importance, quelles sont les dix raisons principales (qu'elles soient statiques ou non) ou types de " blocage" (par ex. les dossiers QFIE, la requalification d'intérêts en dividendes, l'exonération " brut et net" de la plus-value sur les actions, etc.)? Cette justification s'applique-t-elle sans exception au niveau national pour toutes les directions régionales de l'inspection spéciale des impôts, des services d'impôts classiques et des centres de contrôle?