De n.v. GSM dis' oordeelt voorts dat de wet van 12 maart 1998 voortvloeit uit de idee dat, in de vroegere wetgeving, de enige mogelijkheid voor een persoon die zich benadeeld achtte door een handeling van opsporingsonderzoek of gerechtelijk onderzoek in verband met zijn goederen erin bestond zich tot de magistraat te wenden die de maatregel had genomen teneinde « op minnelijke wijze » de volledige of gedeeltelijke staking te verkrijgen.
La s.a. GSM dis' considère encore que la loi du 12 mars 1998 procède de l'idée que, dans la législation antérieure, la seule possibilité pour une personne qui s'estimait préjudiciée par un acte d'information ou d'instruction relatif à ses biens était de s'adresser au magistrat ayant pris cette mesure afin d'obtenir la cessation totale ou partielle « à l'amiable ».