Er moet worden onderstreept dat het eerste lid, krachtens welk « de in artikel 1 vermelde strafbare feit
en geacht worden in ieder uitleveringsverdrag dat tussen de Verdragsluitende Staten bestaat te zijn begrepen als uitleveringsdelicten », bijzonder nuttig zal zijn voor België en wel omdat de meeste van onze bilaterale
betrekkingen op het stuk van de uitlevering geregeld worden door verdragen die een lijst van strafbare feiten bevatten waarin het misdrijf van gijzeling niet is opgenomen, aangezien het slechts door de wet van 2 juli 1975 in het
Belgische ...[+++] recht is ingevoerd.
On peut noter que l'alinéa 1 qui dispose que « les infractions prévues à l'article premier sont de plein droit comprises comme cas d'extradition dans tout traité conclu entre États parties » sera particulièrement utile pour la Belgique, dans la mesure où la majorité de nos relations bilatérales en matière d'extradition sont régies par des traités à liste d'infractions, lesquels ne contiennent pas l'infraction de prise d'otages, qui n'a été introduite en droit belge que par une loi du 2 juillet 1975.