2. Met betrekking tot jonge landbouwers en kleine landbouwbedrijven wordt de Commissie ertoe gemachtigd overeenkomstig artikel 90 gedelegeerde handelingen aan te nemen inzake de voorwaarden onder welke een rechtspersoon als „jonge landbouwer” of als „kleine landbouwer” kan worden aangemerkt, met inbegrip van de vaststelling van een gratieperiode voor de verwerving van vakbekwaamheid, waarbij rekening wordt gehouden met de specifieke kenmerken van elke lidstaat .
2. En ce qui concerne la définition des termes «jeune agriculteur» et «petite exploitation» , la Commission se voit conférer le pouvoir d'adopter des actes délégués conformément à l'article 90 en ce qui concerne les conditions dans lesquelles une personne morale peut être considérée comme un jeune agriculteur, ou un petit exploitant, y compris la fixation d'un délai de grâce pour l'acquisition de compétences professionnelles, compte tenu des caractéristiques particulières de chaque État membre .