§ 1. De werkgever die betrokken is bij een startbaanovereenkomst, bedoeld in artikel 27, eerste lid, 2°, van de wet, moet in het bezit zijn van een bewijs dat de jongere daadwerkelijk voor de lessen, cursussen, opleiding of vorming is ingeschreven of daadwerkelijk een bedrijfs- of beroepsopleiding gaat volgen.
§ 1. L'employeur concerné par une convention de premier emploi visée à l'article 27, alinéa 1, 2°, de la loi doit être en possession d'une preuve que le jeune a été effectivement inscrit aux cours ou à la formation ou qu'il suivra effectivement une formation en entreprise ou professionnelle.