2. herhaalt dat het reduceren van Europa's energie-afhankelijkheid van derde landen middels een zo groot mogelijk gebruik van inheemse energiebronnen - in het bijzonder hernieuwbare energiebronnen, die de belangrijkste potentiële energiebronnen van de EU zijn - , alsook het tegen 2020 met 20% verbeteren van de energie-efficiëntie door hiervan een juridisch bindende doelstelling te maken, van cruciaal belang zijn voor de zekerheid van de energievoorziening in de EU;
2. rappelle qu'il est capital pour sa sécurité énergétique que l'Union européenne réduise sa dépendance énergétique vis-à-vis des pays tiers en utilisant au maximum les sources d'énergie locales, et en particulier les ressources énergétiques renouvelables qui sont les sources potentielles d'énergie les plus importantes de l'Union, et qu'elle améliore son efficacité énergétique de 20% d'ici 2020, en faisant de cet engagement un objectif juridiquement contraignant;