Een voorbeeld: zelfs wanneer een lidstaat een relatief kleine subsidie van 300 000 EUR verleent aan een filmproductie van 3 miljoen EUR, houden deze regels in dat de betrokken lidstaat als voorwaarde voor subsidieverlening kan eisen dat 2,4 miljoen EUR van het productiebudget gaat naar goederen en diensten die worden geleverd door bedrijven uit die lidstaat.
Par exemple, même si un État membre ne propose qu’une aide relativement modeste de 300 000 € pour une production cinématographique de 3 millions €, cela signifie qu’il peut subordonner l’octroi de cette aide à la dépense de 2,4 millions € du budget de production dans des biens et services fournis par des entreprises établies sur son territoire.