"Art. 2. Als een op
enbaar centrum voor maatschappelijk welzijn een rechthebbende in dienst neemt met toepassing van artikel 60, § 7, van de organieke wet van 8 juli 1976 betreffende de openbare centra voor maatschappelijk
welzijn en het die werknemer bij overeenkomst ter beschikking stelt aan een sociale-economie-initiatief, wordt de toelage, vermeld in artikel 5, § 4bis, vierde lid, van de wet van 2 april 1965 betreffende het ten
laste nemen van de steun verleend door de op ...[+++]enbare centra voor maatschappelijk welzijn, verhoogd tot het bedrag van het brutoloon van de werknemer, zonder dat de toelage het gewaarborgde gemiddelde minimummaandinkomen kan overschrijden.
« Art. 2. Lorsqu'un centre public d'action sociale engage un ayant droit en application de l'article 60, § 7, de la loi du 8 juillet 1976 organique des centres publics d'action sociale et le met conventionnellement à la disposition d'une initiative d'économie sociale, la subvention visée à l'article 5, 4bis, de la loi du 2 avril 1965 relative à la prise en charge des secours accordés par les centres publics d'action sociale, est majorée jusqu'au montant de la rémunération brute du travailleur, sans que la subvention ne puisse dépasser le revenu mensuel moyen minimum garanti.