De weging en het al dan niet uitsluitend karakter van de criteria, de waardeschaal van de gedragsindicatoren en de minimumcijfers om te slagen, worden door de Koning bepaald in functie van de personeelscategorie waarvoor de aspirant wordt gevormd en, in voorkomend geval, van zijn groep van vakrichtingen, zijn vakrichting, zijn expertisedomein of zijn specifieke vorming, en van het moment van de beoordeling.
La pondération et le caractère exclusif ou non des critères, l'échelle de valeur des indicateurs de comportement et les notes minimum pour réussir sont fixés par le Roi en fonction de la catégorie de personnel pour laquelle l'aspirant est formé et, le cas échéant, de son groupe de filière de métiers, de sa filière de métier, de son domaine d'expertise ou de sa formation spécifique, et du moment de l'appréciation.