Zo het door de Ministerraad aangevoerde argument - namelijk de zorg om het gevolg te vermijden van de progressiviteit van de belasting verbonden met de samenvoeging van het vakantiegeld met de andere inkomsten van het jaar waarin dat vakantiegeld wordt betaald - de toepassing van een afzonderlijke aanslagvoet op dat vakantiegeld kan verantwoorden, is het evenwel niet van die aard dat het kan verantwoorden dat het voordeel van die aanslagvoet uitsluitend wordt voorbehouden aan de bedienden die een onderneming verlaten ».
L'argument avancé par le Conseil des ministres - à savoir le souci d'éviter l'effet de la progressivité de l'impôt lié au cumul du pécule de vacances avec les autres revenus de l'année durant laquelle ce pécule est payé -, s'il est de nature à justifier l'application à ce pécule d'un taux d'imposition distinct, n'est toutefois pas de nature à justifier que le bénéfice de ce taux soit réservé aux seuls employés qui quittent une entreprise ».