In het eerste geval, wanneer het ouderlijk gezag maar door één ouder wordt uitgeoefend, valt te overwegen zorgouderschap toe te kennen als een echte toekenning van de rechten en plichten welke inherent zijn aan het ouderlijk gezag, zonder dat daarbij bijzondere moeilijkheden rijzen aangezien er geen andere biologische ouder is.
Dans le premier cas, lorsque l'autorité parentale n'est exercée que par un seul parent, on peut envisager l'attribution de la parentalité sociale comme une véritable attribution des droits et obligations inhérents à l'autorité parentale sans que cela ne pose de problèmes particuliers puisqu'il n'y a pas d'autre parent biologique.