« Ingeval de in dit hoofdstuk bedoelde bijdragen niet, onvolledig of niet tijdig worden betaald door de personen bedoeld in artikel 20, § 2, eerste lid, 2° tot 4°, zelfs indien de betaling het voorwerp uitmaakt van een betwisting voor de rechtbanken, wordt de bijdrage ambtshalve verhoogd met 50 % vanaf de vijftiende kalenderdag volgend op de dag van de kennisgeving van de ingebrekestelling van de betaling bij een ter post aangetekende brief met ontvangstbewijs.
« En cas de non-paiement, de paiement incomplet ou tardif des cotisations visées au présent chapitre par les personnes visées à l'article 20, § 2, alinéa 1, 2° à 4°, même si le paiement fait l'objet d'une contestation devant les tribunaux, la cotisation est augmentée d'office de 50 % à partir du quinzième jour calendrier qui suit celui de la notification de la mise en demeure de paiement par lettre recommandée à la poste avec accusé de réception.