F. overwegende dat uit de bijlagen bij de bovenvermelde mededeling van de Commissie van 14 mei 2008 blijkt dat in het kader van de vervoersprojecten ongeveer 49% wordt uitgetrokken voor wegen, ongeveer 31% voor het spoor en ongeveer 9% voor het stadsvervoer, maar dat niet precies duidelijk is welke concrete projecten voor medefinanciering in aanmerking komen,
F. considérant que les annexes à la communication susmentionnée de la Commission du 14 mai 2008 indiquent que pour les projets en matière de transport, environ 49 % des crédits sont utilisés pour les transports routiers, environ 31 % pour les transports ferroviaires et environ 9 % pour les transports urbains, mais qu'elles ne précisent pas quels projets spécifiques sont cofinancés,