De verschoonbaarheid die achteraf aan de gefailleerde zou worden toegekend, kan niet tot gevolg hebben dat de medeverbondenen van hun verplichtingen worden ontslagen indien de schuldeiser intussen een in kracht van gewijsde gegane beslissing tegen hen heeft verkregen, zodat die medeverbondenen het slachtoffer zouden zijn van de discriminatie die het Hof in de arresten nrs. 69/2002 en 78/2004 heeft vastgesteld ».
L'excusabilité qui serait ultérieurement accordée au failli ne pourra avoir pour effet de décharger les co-obligés si, entre-temps, le créancier a obtenu contre eux une décision passée en force de chose jugée, de telle sorte que ces co-obligés seraient victimes de la discrimination constatée par la Cour dans les arrêts n 69/2002 et 78/2004 ».