Sommige lidstaten zien de nul-alternatieven als een van de "redelijke alternatieven", terwijl andere ze beschouwen als een afzonderlijk gedeelte van het milieurapport dat niet noodzakelijkerwijs is gekoppeld aan de redelijke alternatieven, maar meer aan de informatie over de bestaande situatie.
Certains États membres la considèrent comme une «solution de substitution raisonnable» tandis que d'autres la considèrent comme une partie indépendante du rapport sur les incidences environnementales, et pas nécessairement liée aux solutions de substitution raisonnables mais plutôt aux informations de base.