3. De Raad verzoekt de Commissie om volgens de procedure van artikel 10 van Verordening (EEG) nr. 2377/90 na raadpleging van het Comité voor Geneesmiddelen voor diergeneeskundig gebruik (CGDG) en het Permanent Comité voor Geneesmiddelen voor diergeneeskundig gebruik, vóór 1 januari 2000 specifieke MWR vast te stellen voor bepaalde substanties die onmisbaar zijn voor de behandelingen en die na die datum niet meer zullen toegestaan zijn.
3. Le Conseil invite la Commission, conformément à la procédure fixée à l'article 10 du règlement (CEE) n° 2377/90, après saisine du CMV et du comité permanent des médicaments vétérinaires, à fixer d'ici le 1er janvier 2000, des LMR spécifiques pour des substances déterminées qui sont indispensables pour les thérapies et ne seront plus autorisées à partir de cette date.