Uit de parlementaire voorbereiding van de wet van 17 februari 2005, inzonderheid de verantwoording bij het amendement dat aanleiding heeft gegeven tot het voormelde nieuwe artikel
30, § 4 (6), blijkt evenwel dat de wetgever, door de Koning te machtigen de bijzondere regels inza
ke de termijn en de procedure voor de behandeling van de aanvragen ingediend overeenkomstig het voornoemde ar
tikel 15ter vast te stellen, de bedoeling heeft ...[+++]gehad Hem daardoor te machtigen een bijzondere termijn voor beroep vast te stellen.
Toutefois, il ressort des travaux préparatoires de la loi du 17 février 2005, spécialement de la justification de l'amendement à l'origine du nouvel article 30, § 4 (6), précité, que l'intention du législateur était, en habilitant le Roi à fixer les règles particulières de délai et de procédure pour le traitement des demandes introduites en vertu de l'article 15ter précité, de l'habiliter, ce faisant, à fixer un délai de recours particulier.