A. overwegende dat de lidstaten, overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1260/1999 van de Raad waarin algemene bepalingen worden vastgesteld over de Structuurfondsen, gehouden zijn het additionaliteitsbeginsel te eerbiedigen bij de toekenning van overheidskredieten aan uit de Structuurfondsen medegefinancierde projecten; in de verordening wordt bepaald dat EG-financiering niet in de plaats mag komen van structurele uitgaven van de overheid of vergelijkbare uitgaven door de lidstaat,
A. considérant que le règlement du Conseil (CE) n° 1260/1999 portant dispositions générales sur les Fonds structurels impose aux États membres de respecter le principe d'additionnalité dans l'affectation de fonds publics aux projets cofinancés par les Fonds structurels en stipulant que les financements communautaires ne peuvent se substituer aux dépenses structurelles publiques ou assimilables d'un État membre,