OVERWEGENDE DAT IN ARTIKEL 6 , LID 3 , VAN VERORDENING ( EEG ) NR . 193/75 VAN DE COMMISSIE ( 3 ) , LAATSTELIJK GEWIJZIGD BIJ VERORDENING ( EEG ) NR . 1576/80 ( 4 ) , IS BEPAALD DAT DE IN DIE VERORDENING VASTGESTELDE TIJDSLIMIETEN BETREKKING HEBBEN OP DE GREENWICH-TIJD PLUS TWEE UUR ; DAT IS GEBLEKEN DAT IN BEPAALDE GEVALLEN DEZE REGELING PRAKTISCHE MOELIJKHEDEN VOOR DE HANDEL MEEBRENGT ; DAT DEZE MOEILIJKHEDEN UIT DE WEG KUNNEN WORDEN GERUIMD DOOR DE PLAATSELIJKE BRUSSELSE TIJD AAN TE HOUDEN ;
CONSIDERANT QUE L ' ARTICLE 6 PARAGRAPHE 3 DU REGLEMENT ( CEE ) NO 193/75 DE LA COMMISSION ( 3 ), MODIFIE EN DERNIER LIEU PAR LE REGLEMENT ( CEE ) NO 1576/80 ( 4 ), PREVOIT QUE LES HEURES LIMITES FIXEES DANS CE MEME REGLEMENT CORRESPONDENT A L ' HEURE GREENWICH PLUS DEUX HEURES ; QU ' IL S ' EST AVERE QUE , DANS CERTAINS CAS , CE DELAI COMPORTE DES DIFFICULTES PRATIQUES POUR LE COMMERCE ; QUE CES DIFFICULTES PEUVENT ETRE RESOLUES PAR LE RECOURS A L ' HEURE LOCALE DE BRUXELLES ;