Deze richtlijn belet niet dat de lidstaten jegens vervoerders bij niet-naleving van de verplichtingen voortvloeiend uit het bepaalde in artikel 26, leden 2 en 3, van de Schengenovereenkomst, met inbegrip van artikel 2 van deze richtlijn, andere maatregelen kunnen vaststellen of handhaven, waaronder sancties van een andere soort, zoals de vasthouding, inbeslagneming en verbeurdverklaring van het vervoermiddel, of de tijdelijke opschorting dan wel intrekking van de exploitatievergunning.
La présente directive ne fait pas obstacle à ce que les États membres adoptent ou maintiennent à l'encontre des transporteurs, en cas de non-respect par ceux-ci des obligations résultant de l'article 26, paragraphes 2 et 3, de la convention de Schengen, ainsi que de l'article 2 de la présente directive, d'autres mesures comportant des sanctions d'un autre type telles que l'immobilisation, la saisie et la confiscation du moyen de transport, ou la suspension temporaire ou le retrait de l'autorisation d'exploitation.