Als de hogere levensverwachting voornamelijk gepaard gaat met een goede gezondheid zonder invaliditeit op latere leeftijd, stijgen de overheidsuitgaven voor gezondheidszorg en verpleegzorg als gevolg van de vergrijzing slechts half zoveel als voorspeld.[5]
Si les gains à venir en matière d'espérance de vie étaient pour l'essentiel acquis en bonne santé et sans incapacité, l'augmentation prévue pour les dépenses publiques de santé et de soins de dépendance due au vieillissement s'en trouverait réduite de moitié[5].