De personen die veroordeeld zijn op grond van artikel 3 van de wet van 24 februari 1921, betreffende het verhandelen van verdovende middelen zijn bijgevolg, binnen het kader van bovenvermelde wettelijke bepalingen, daadwerkelijk het recht ontzegd om een slijterij van ter plaatse te verbruiken gegiste dranken of een drankgelegenheid van sterke dranken te houden.
Les personnes condamnées sur base de l'article 3 de la loi du 24 février 1921 concernant le trafic des substances stupéfiantes sont donc effectivement, dans le cadre des dispositions légales précitées, frappées de déchéance du droit de tenir un débit de boissons fermentées ou spiritueuses à consommer sur place.