"De personen als bedoeld in paragraaf 2, tweede lid, kunnen bewijzen dat zij over de basiskennis beschikken aan de hand van een getuigschrift van hoger middelbaar onderwijs dat hen is toegekend overeenkomstig een decreet van de Vlaamse, de Franse of de Duitstalige Gemeenschap, of van een buitenlands diploma dat krachtens de toepasselijke wetgeving of door de bevoegde autoriteit als gelijkwaardig wordt beschouwd of door het slagen in het examen bedoeld in het eerste lid ".
"Pour les personnes visées au paragraphe 2, alinéa 2, la preuve de la connaissance de base peut être fournie par un certificat de l'enseignement secondaire supérieur délivré conformément à un décret de la Communauté française, de la Communauté flamande ou de la Communauté germanophone ou par un diplôme étranger considéré, en vertu de la législation applicable ou par l'autorité compétente, comme équivalent ou par la réussite d'un examen tel que prévu à l'alinéa 1".