Dit betekent immers dat de Franstaligen alle dagen bij het Rijksarchief in hun taal terecht zullen kunnen (de Vlamingen zijn tweetalig) terwijl dit voor de Vlamingen slechts op drie dagen van de week het geval zal zijn.
En effet, il implique que les francophones pourront se rendre tous les jours aux Archives de l'État et y interroger le personnel dans leur langue (les membres du personnel flamands étant bilingues), alors que les Flamands n'auront cette possibilité que trois jours par semaine.