30. vindt dat een verschuiving van subsidies, bijvoorbeeld meer subsidies voor kleinschalige waterenergie, alsmede voor wind- en zonne-energie, aanzetten tot het gebruik van nieuwe technologieën en de concurrentiepositie van Europa in de wereld verbeteren, en dat ook de afhankelijkheid van fossiele brandstoffen die uit andere delen van de wereld worden aangevoerd, daardoor zal afnemen;
30. estime qu'un déplacement des subventions en faveur de l'énergie hydraulique à petite échelle, éolienne et solaire, par exemple, favoriserait le recours à de nouvelles technologies et améliorerait la position concurrentielle de l'Europe dans le monde, tout en réduisant sa dépendance à l'égard de combustibles fossiles importés d'autres parties du monde;