Art. 4. De werkgever zal verplicht zijn om de aanvullende vergoeding te betalen slechts voor zover de werknemer de opzeggingstermijn (of de verbrekingsvergoeding) heeft aanvaard die door de werkgever werd betekend en waarvan de duur werd berekend overeenkomstig de bepalingen van artikel 82, § 2, van de wet van 3 juli 1978 betreffende de arbeidsovereenkomsten, dus een duur van drie maanden voor de bedienden die sinds minder dan vijf jaar in dienst zijn.
Art. 4. L'employeur ne sera tenu au paiement de l'indemnité complémentaire que pour autant que le travailleur ait accepté le préavis notifié par l'employeur (ou l'indemnité de rupture) dont la durée a été calculée conformément aux dispositions de l'article 82, § 2 de la loi du 3 juillet 1978 relative aux contrats de travail, soit une durée de trois mois pour les employés engagés depuis moins de cinq ans.