Art. 6. Onverminderd de bevoegdheden die specifiek zijn toegekend aan de minister van Justitie en aan de procureurs-generaal op grond van artikel 151 van de Grondwet en van de artikelen 143bis, 143quater en 146bis van het Gerechtelijk Wetboek, ziet het College voor de coördinatie, bedoeld in artikel 5, toe op de uitvoering van de algemene politiek inzake de strijd tegen het witwassen, zoals vastgesteld door het Ministerieel Comité.
Art. 6. Sans préjudice des compétences attribuées spécifiquement au ministre de la Justice et aux procureurs généraux par les articles 151 de la Constitution et 143bis, 143quater et 146bis du Code judiciaire, le collège de coordination mentionné à l'article 5 est chargé de veiller à l'exécution de la politique générale de lutte contre le blanchiment, telle qu'établie par le comité ministériel.