1. Requests for authorisation of a Member State to carry out inspections on fishing vessels in Community waters outside waters under its sovereignty or jurisdiction, as referred to in Article 80(2)(a), shall be decided by the coastal Member State concerned within 12 hours of the time of the request or within an appropriate period where the reason for the request is a hot pursuit commenced in the waters of the inspecting Member State.
1. Verzoeken om machtiging van een lidstaat voor het uitvoeren van inspecties van vissersvaartuigen in communautaire wateren buiten de wateren die onder zijn soevereiniteit of jurisdictie vallen, als bedoeld in artikel 80, lid 2, onder a), worden door de betrokken kustlidstaat behandeld binnen 12 uur na ontvangst van het verzoek of binnen een passende termijn wanneer de reden voor het verzoek een achtervolging betreft die is begonnen in de wateren van de inspecterende lidstaat.