« Art. 119 bis. — Lorsque le président constate, après au moins deux tentatives, l'impossibilité de constituer un jury pour juger les infractions visées au articles 137 et 138 du même Code, ces infractions sont jugées par la cour d'appel ».
« Art. 119 bis. — Wanneer de voorzitter vaststelt, na minstens twee pogingen, dat er een onmogelijkheid is om een jury samen te stellen voor de berechting van de misdrijven bedoeld in artikel 137 en 138 van hetzelfde Wetboek, worden deze misdrijven berecht door het hof van beroep».