1. Elke lidstaat erkent de in bijlage VI bedoelde opleidingstitels van architect die door de andere lidstaten zijn afgegeven ter afsluiting van een opleiding waarmee uiterlijk gedurende het in de genoemde bijlage opgenomen referentieacademiejaar is begonnen, ook al voldoen zij niet aan de in artikel 55 bedoelde minimumeisen, door daaraan met betrekking tot de toegang tot en de uitoefening van de beroepswerkzaamheden van architect op zijn grondgebied hetzelfde rechtsgevolg toe te kennen als aan de door hemzelf afgegeven opleidingstitels van architect.
1. Each Member State shall accept certificates of training as an architect listed in Annex VI, issued by the other Member States and attesting a course of training which began no later than the academic reference year referred to in that Annex, even if they do not satisfy the minimum requirements laid down in Article 55 , and shall, for the purposes of access to and pursuit of the professional activities of an architect, give such evidence the same effect on its territory as certificates of training as an architect which it itself issues.