Uit econometrische ramingen blijkt dat de werkgelegenheid dankzij beleid om het arbeidsperspectief aan de onderkant van de arbeidsmarkt te verbeteren, zoals fiscale prikkels voor tijdelijk en parttimewerk, gerichte belastingverlagingen voor laaggekwalificeerde werknemers of werknemers met een laag inkomen, arbeidssubsidies, werkverschaffingsprogramma´s en arbeidsgebonden voordelen, in de periode 2001-2006 met iets meer dan 1% is gestegen in landen waar dergelijk beleid is gevoerd. Tegelijk is de productiviteit licht ongunstig beïnvloed: met ¼% tot een ½%, ofwel 25% van de werkgelegenheidswinst.
Econometric estimates show that policies that boost the job prospects of ‘marginal’ workers – such as fiscal incentives for temporary and part-time work, targeted tax cuts for low-skilled/low-income workers, employment subsidies, direct job creation schemes and in-work benefits – may have raised employment by slightly over 1% over the 2001-06 period in countries where such policies were implemented; there would also have been a limited negative impact on productivity growth in the range of ¼ to ½%, or around 25% of the employment gain.