Deze stijging wordt toegeschreven aan de studenten die stegen met 3 814 rechtgevende kinderen tussen 2000-2005, aan de jonge werkzoekenden in wachttijd die stegen met 4 153 rechtgevende kinderen, aan de buiten het Rijk opgevoede kinderen die stegen met 6 865 kinderen en vooral aan de sterke afname van het aantal kinderen in het stelsel van de zelfstandigen.
Cette augmentation est imputable aux étudiants — augmentation de 3 814 enfants donnant droit —, aux jeunes demandeurs d'emploi en période d'attente — augmentation de 4 153 enfants donnant droit —, aux enfants élevés en dehors du Royaume dont le nombre a augmenté de 6 865 et, surtout, à la nette diminution du nombre d'enfants dans le régime des indépendants.