De toenmalige minister, de heer A. Vranckx, stelt zich niet te verzetten tegen het feit dat de balie over een financiële dienst zou beschikken, op voorwaarde dat deze ingericht wordt in de lokalen die exclusief aan de balie zijn voorbehouden en dat de kosten van uitrusting en werking geenszins ten laste van de overheid zouden vallen.
Le ministre de l'époque, M. A. Vranckx, affirme ne pas s'opposer au fait que le barreau dispose d'un service financier, à condition que celui-ci soit installé dans les locaux exclusivement réservés au barreau et que les coûts d'équipement et du fonctionnement ne soient aucunement à la charge de l'État.